Pensioenquiz

Wat weet u over de vernieuwde pensioenregeling?

Er zijn nieuwe regels voor pensioen. Wij zijn van plan om op 1 januari 2027 over te gaan naar de vernieuwde pensioenregeling. Veel blijft hetzelfde, maar er verandert ook het een en ander. In deze quiz ontdekt u hoeveel u al weet over de nieuwe regels en wat hetzelfde blijft of verandert.

Benieuwd hoeveel u al weet? Doe mee en test uw kennis! Deze quiz bestaat uit 8 korte vragen. 

1. In de vernieuwde pensioenregeling hebben mensen die pensioen opbouwen of opbouwden bij ons een pensioenpot.

De pensioenpot is bedoeld voor: 

  • het pensioen voor uzelf als u met pensioen gaat en 
  • het partnerpensioen voor uw partner wanneer u overlijdt nadat u met pensioen bent gegaan

Waar of niet waar?
A. Waar
B. Niet waar

Het juiste antwoord is A.

Mensen die pensioen opbouwen of opbouwden hebben bij ons een pensioenpot. 
Uit de pensioenpot betalen wij: 
• het pensioen voor uzelf als u met pensioen gaat. Dat krijgt u zo lang u leeft en
• het pensioen voor uw partner als u overlijdt nadat u met pensioen ging. Uw partner krijgt dat zolang uw partner leeft.

2. Pensioen gaat straks meer dan nu meebewegen met de financiële markten. Hoe vaak stellen we het bedrag voor pensioen vast wanneer u pensioen krijgt?

A. Elke maand
B. Elk halfjaar
C. Elk jaar

Het juiste antwoord is C.

Elk jaar stellen we het pensioen dat u krijgt opnieuw vast. Daarna blijft dat bedrag het hele jaar hetzelfde. Net als nu beleggen we het geld voor de pensioenen. Dat is nodig voor een goed pensioen. Door te beleggen kunnen we uw pensioenpot laten groeien. Uw pensioenpot beweegt mee met de de financiële markten. We streven naar een pensioen met een balans tussen koopkracht en stabiliteit.

3. We streven naar een pensioen met een balans tussen koopkracht en stabiliteit. Welke maatregelen nemen wij hiervoor?

Meerdere antwoorden zijn mogelijk. Kies er zoveel als u wilt.
A. We beleggen, maar met minder risico voor ouderen, dan voor jongeren
B. We spreiden de resultaten van de beleggingen
C. We houden een gezamenlijke buffer aan

Alle antwoorden zijn goed.

We beleggen gezamenlijk. En we streven naar een pensioen met een balans tussen koopkracht en stabiliteit. Daarom zetten we 3 maatregelen in:
1. Beleggen is nodig voor een goed pensioen. We beleggen met minder risico voor oudere werknemers en gepensioneerden dan voor jongeren. Beleggingen met minder risico zijn stabieler, maar brengen ook minder op.
2. We spreiden de resultaten van de beleggingen. Resultaten van goede en slechte jaren smeren we zo uit in de tijd waardoor het pensioen stabieler wordt. 
3. We houden een gezamenlijke buffer aan. De buffer gebruiken we onder meer om tegenvallers op te vangen. Daarmee verminderen we de kans dat het pensioen dat u straks elke maand uitbetaald krijgt in een bepaald jaar plotseling veel lager wordt.

4. Waarom kunnen mensen een verhoging krijgen als we overgaan naar de vernieuwde pensioenregeling?

Welke 2 antwoorden zijn goed? 

A. Tegemoetkomingen van verhogingen die in verleden niet gegeven zijn
B. We verdelen het pensioenvermogen. Als er geld over is dan verdelen we dat
C. We willen dat meer mensen pensioen gaan opbouwen bij ons

De juiste antwoorden zijn A en B.

In het verleden konden we niet altijd de pensioenen volledig verhogen. Hiervoor willen wij een tegemoetkoming geven. Op 1 januari 2027 gaan we het pensioenvermogen verdelen. Als onze financiële positie dan zo goed is dat we een tegemoetkoming kunnen geven voor verhogingen die in het verleden niet gegeven zijn, dan zullen we dat dan ook doen. Dat kan alleen als onze dekkingsgraad op 31 december 2026 hoger is dan 109%.

5. Net als nu beleggen we het geld voor de pensioenen van alle deelnemers gezamenlijk. Waarom doen we dit?

A. Zo kunnen we effeciënter beleggen en kosten besparen
B. Door de Wet toekomst pensioenen is het verplicht
C. Dan halen we altijd rendement

Het goede antwoord is A.
We kunnen één heel groot bedrag beter en voordeliger beleggen dan een heleboel kleine bedragen apart. We beleggen het geld nu ook gezamenlijk. Wat straks anders is, is dat we niet voor iedereen op dezelfde manier beleggen. Voor jongeren nemen we meer risico. De beleggingen leveren in goede tijden namelijk meer op, maar kunnen ook meer dalen als het tegenzit. Als u nog jong bent, is zo’n tegenvaller goed op te vangen. Want er zullen ook nog heel wat jaren komen dat het goed gaat. Komt u dichterbij uw pensioenleeftijd? Dan willen we u meer zekerheid geven over het pensioen dat u per maand kunt verwachten. Daarom verlagen we dan het risico van de beleggingen. We onderzoeken minimaal eens in de 5 jaar hoeveel risico deelnemers willen en kunnen nemen.

6. Hoeveel stief-, pleeg-, adoptie- en eigen kinderen van iemand die pensioen opbouwt kunnen wezenpensioen krijgen?

A. De eerste 3 kinderen
B. De eerste 5 kinderen
C. Alle kinderen

Het juiste antwoord is C.

Als u komt te overlijden wanneer u pensioen opbouwt, dan krijgen al uw kinderen een volledig wezenpensioen. Zij krijgen dit tot ze 25 jaar zijn. Het maakt niet meer uit hoeveel kinderen er zijn. Nu is er maximaal voor 5 kinderen wezenpensioen. Zijn er meer dan 5 kinderen? Dan verdelen we het bedrag over hen. In de vernieuwde pensioenregeling geldt dat maximum niet meer.

7. Wat gebeurt er als u volledig arbeidsongeschikt wordt?

A. U bouwt geen pensioen meer op
B. U en uw werkgever blijven geld inleggen voor uw pensioen
C. Uw pensioenopbouw loopt door zonder dat u daarvoor hoeft te betalen en u kunt een arbeidsongeschiktheidspensioen krijgen

Het juiste antwoord is C.

Als u arbeidsongeschikt wordt, kunt u van ons een arbeidsongeschiktheidspensioen krijgen. Dat is een aanvulling op uw WIA-uitkering van de overheid. Dat blijft zo als wij overgaan naar de vernieuwde pensioenregeling. Ook blijft u onder voorwaarden pensioen opbouwen voor later.

8. Hoeveel jaren moet iemand pensioen opbouwen om straks een pensioen te krijgen dat 80% van zijn gemiddelde loon kan zijn? Dit is inclusief AOW.

A. 40 jaren
B. 43 jaren
C. 45 jaren
D. 47 jaren
E. 50 jaren

Het juiste antwoord is B.

De ambitie blijft net als nu dat iemand van 25 in 43 jaren een pensioen kan opbouwen dat 80% is van zijn gemiddelde loon. Dit is inclusief AOW. Vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers hebben de afspraken gemaakt over de vernieuwde pensioenregeling.